Jodoigne
Église Saint-Médard
De Église Saint-Médard werd gebouwd na 1184 toen het domein van de hospitaalridders van Sint-Jan van Jeruzalem bij het hertogdom Brabant werd toegevoegd, en de verschillende bouwfasen duurden tot in de 14de eeuw.
Vooral de samenstelling van de buitenwand van het halfronde koor toont aan hoe de Maasromaanse traditie zich nog voortzet door bijvoorbeeld aaneengesloten rondbogen op zuiltjes, en hoe voorzichtig men de principes van de Gotiek uit Frankrijk toepast door bijvoorbeeld een grotere scheiding tussen de dragende elementen en de wandvullingen, door grotere licht- en schaduweffecten en meer versieringen aan de vensters met zuiltjes met knopkapitelen. Maar de spitsboog is nog afwezig.
Ook in het interieur merken we de aarzeling tussen het handhaven van de massieve muren en het bundelen van de krachten en spanningen door de toepassing van kruisribgewelven. De stijl doet sterk denken aan de voormalige cisterciënzerabdij van Villers-la-Ville waar eenzelfde gehechtheid aan de Romaanse tradities kan worden vastgesteld tot het einde van de 13de eeuw.
Medardus van Noyon (456-546) was een bisschop van Doornik en heilige in de Rooms-Katholieke kerk.
Sint Médard heeft wat met regen. Het verhaal gaat dat op het moment van zijn dood en dus zijn ziel het lichaam verliet, de hemelen zich openden, waaruit een warme weldadige regen begon te vallen, veertig dagen lang. Dat was op dat moment zeer welkom, want er had een langdurige droogte geheerst en de mensen dreigden om te komen van de dorst. Vandaar dat men ook meende dat aan Medardus bij zijn komst in de hemel de zorg voor de regen werd toevertrouwd.
Bronnen: www.romaans.blogspot.com
www.openchurches.eu
www.heiligen.net
