Kwaadmechelen
De toren van de Sint-Lambertuskerk
dateert van 1615 en is uitgevoerd in Kempense gotiek. Het is een zware, vierkante bakstenen toren, gebouwd op een basis van ijzerzandsteen. De toren is voorzien van haakse steunberen. Aan de zuidzijde bevindt zich een vijfhoekige traptoren. De toren is vrijwel onversierd, op enkele banden van ijzerzandsteen na. De toren wordt bekroond door een naaldspits.
De eigenlijke kerk werd gesloopt in 1840 en vervangen door een nieuw gebouw, dat echter in 1940 door brand werd verwoest. De kerkschatten werden eveneens verwoest. Slechts een 17e-eeuws houten Sint-Lambertusbeeld bleef gespaard. Herbouw van de kerk volgde tussen 1953 en 1956 in modern-gotische stijl. Bij opgravingen kwamen de fundamenten van een romaans kerkje tevoorschijn, dat de voorganger was van de gotische kerk.
Bron: https://nl.wikipedia.org
Tessenderlo
Sint-Martinuskerk
De monumentale, gotische Sint-Martinuskerk werd gebouwd van 1444 tot 1484 en beheerst sindsdien het centrum van Tessenderlo.
Indrukwekkend is de rijzige toren met zes geledingen, afgebakend door waterlijsten in natuursteen. Het kerkmeubilair is overwegend neogotisch en werd in overeenstemming gebracht met de parel van de kerk.
In de kerk vind je het unieke koordoksaal
Het koordoksaal, ook jubee genoemd, werd omstreeks 1525 opgericht in Laatgotiek.
Het monument, in zachte kalksteen van Avesnes, is elf meter lang en rust op acht zuilen in Doornikse hardsteen, waarvan vier de eigenlijke tribune onderstutten.
De tribune is verdeeld in 21 nissen die in taferelen het leven van Christus verbeelden. Het middengedeelte heeft een vooruitspringende erker die als preekstoel fungeerde.
Het doksaal fungeerde verder als grensafbakening tussen het koor waar de priester opereerde en het kerkschip waar het godsvolk stond.
De voornaamste reden van bestaan was echter dat het doksaal de “bijbel van de gewone man” was. In die tijd konden slechts weinig mensen lezen. Door het doksaal konden de gelovigen “zien” wat werd gezegd. De bouwers hadden aldus meerdere bedoelingen, maar wie ze waren, is onbekend.
Diest
Sint-Sulpitius en Dionysiuskerk
De Sint-Sulpitius en Dionysiuskerk is een gotische parochiekerk aan de Grote Markt, waar in 1618 Filips Willem, oudste zoon van Willem van Oranje en diens eerste vrouw Anna van Buren, bijgezet werd. De kerk ontleent zijn naam aan de heilig verklaarde Sulpitius (7e eeuw).
De kerk is een voorbeeld van de Demergotiek, opgetrokken uit ijzerzandsteen en witte kalksteen. Het bouwproces duurde van 1321 tot 1534 en er waren in totaal 18 architecten bij betrokken.
Hoewel de bouw van de kerk werd afgerond in 1534, was het gebouw allerminst als voltooid te beschouwen. Van het oorspronkelijke plan ontbraken nog 3 van de 5 straalkapellen en van de westertoren was alleen de onderbouw afgewerkt.
Opvallend aan de kerk is de vieringtoren, die bekend werd onder de bijnaam “Mosterdpot”. Hierin werd in 1671 een beiaard geplaatst, die tegenwoordig bestaat uit 47 klokken.
Het interieur herbergt vele kerkschatten, afkomstig uit verschillende perioden van de kunstgeschiedenis. Zo is er een laatgotisch triomfkruis, een renaissance tabernakel en een barokke preekstoel. Echter, de meeste aandacht gaat uit naar het graf van Filips Willem.
Photo 1 : EmDee
Photo 2 : Adagio
